De familie van Renee Good, de 37-jarige vrouw die begin dit jaar in Minneapolis werd doodgeschoten door de Amerikaanse immigratiedienst ICE, klaagt de regering van president Donald Trump aan. De nabestaanden hebben twee rechtszaken aangespannen. Zij stellen dat agenten van ICE nalatig hebben gehandeld en de burgerrechten van Good hebben geschonden.
Good werd in januari in Minneapolis neergeschoten. Haar dood leidde tot grote protesten tegen ICE en groeide in de Verenigde Staten uit tot een symbool van verzet tegen de harde aanpak van de immigratiedienst. Die aanpak is een direct gevolg van het migratiebeleid van president Trump, dat de afgelopen jaren tot felle discussies heeft geleid.
De rechtszaken die de familie nu aanspant, richten zich op de rol van de betrokken ICE-agenten. Volgens de nabestaanden is er sprake van nalatigheid en van schending van de burgerrechten van Good. De familie eist dat de verantwoordelijken ter verantwoording worden geroepen. De zaak zal naar verwachting de komende maanden worden behandeld.
De dood van Good past in een bredere ontwikkeling waarin de immigratiedienst ICE onder het beleid van Trump steeds meer bevoegdheden kreeg en harder optrad tegen migranten. In verschillende Amerikaanse steden, waaronder Minneapolis, braken na het incident protesten uit. Betogers eisten een einde aan het gewelddadige optreden van ICE en aan het strenge migratiebeleid.
De rechtszaken tegen de regering-Trump zijn nog niet inhoudelijk behandeld. De familie van Good hoopt met de procedures duidelijkheid te krijgen over de vraag of de agenten volgens de regels hebben gehandeld. Ook willen zij dat de verantwoordelijkheid voor de dood van Good wordt vastgesteld. De regering-Trump heeft nog niet publiekelijk op de aanklachten gereageerd.
2