Enkele ouders in de Bredase wijk Hoge Vucht hebben op eigen initiatief speeltoestellen gebouwd voor hun kinderen. De toestellen werden druk gebruikt: kinderen roetsjten van kabelbanen, schommelden op een grote balk en balanceerden op een bungee-elastiek. Aan dat plezier kwam een einde toen de gemeente Breda er lucht van kreeg en de bewoners de toestellen moesten afbreken.
De speeltuin ontstond in de openbare ruimte van de wijk, zonder dat daar vooraf toestemming voor was gegeven. De ouders bouwden de toestellen zelf, vermoedelijk met materialen die voorhanden waren. Voor de kinderen uit de buurt was het een aantrekkelijke plek om te spelen, maar de gemeente oordeelde dat de constructies niet konden blijven staan.
Waarom de gemeente precies ingreep, is niet in detail bekend. Wel is duidelijk dat de gemeente het initiatief niet tolereerde en dat de toestellen verwijderd moesten worden. De bewoners hebben daarop zelf de speeltoestellen afgebroken. Daarmee is de zelfgebouwde speelplek in Hoge Vucht weer verdwenen.
Het voorval raakt aan een bredere kwestie: bewoners die zelf iets willen doen aan de speelmogelijkheden in hun buurt, stuiten vaak op regels en vergunningen. In dit geval kozen ouders voor een doe-het-zelfoplossing, maar de gemeente greep in. Of er alternatieven zijn gekomen of dat er overleg is geweest over een andere invulling, blijkt niet uit de berichtgeving.
De gemeente Breda heeft nog niet inhoudelijk gereageerd op vragen over de gang van zaken. Duidelijk is dat de speeltoestellen in Hoge Vucht niet meer aanwezig zijn en dat de kinderen uit de wijk het zonder de zelfgebouwde attracties moeten stellen.
5