In Europese steden zijn afgelopen zomer naar schatting 50.000 mensen overleden als gevolg van extreme hitte. Dat concluderen wetenschappers van Imperial College London en de London School of Hygiene & Tropical Medicine op basis van gegevens uit ruim 850 stedelijke gebieden in 30 Europese landen, waar samen ongeveer 40 procent van de Europese bevolking woont.
Het geschatte aantal ligt ruim boven de hittezomers van 2022 en 2003, waarvoor de onderzoekers respectievelijk 29.000 en 28.000 extra sterfgevallen berekenden. Nieuw is dat de wetenschappers een groot deel van de sterfgevallen direct in verband brengen met klimaatverandering door de uitstoot van broeikasgassen. Van de 50.000 doden zouden er ongeveer 32.000 aan klimaatverandering kunnen worden toegeschreven.
De afgelopen zomer bestond uit extreme hittegolven op het hele continent. Sinds mei waren er maandelijks zware hittegolven, zegt klimaatwetenschapper Clair Barnes van Imperial College. Vooral in West-Europa werd het ongewoon heet: gemiddeld was de zomer zo'n 2,9 graden Celsius warmer dan het gemiddelde in de periode 1991-2020. De hittegolf eind juni, toen in Nederland code rood werd afgekondigd, was volgens de onderzoekers zeer dodelijk. Een derde van alle sterfgevallen viel tussen 17 juni en 1 juli, toen de temperatuur ongeveer 5 graden boven het gemiddelde lag. Omdat weinig mensen zo vroeg in het seizoen aan de hitte gewend waren, was het gezondheidseffect groter.
De meeste hittedoden zijn ouderen, maar het beeld is breder dan vaak wordt gedacht. Ongeveer 6000 mensen onder de 65 jaar overleden, onder wie meer dan 800 in de leeftijdsgroep van 20 tot 44 jaar. Jonge hittedoden hebben in de regel vaak chronische aandoeningen. «Het is schokkend, maar het is een belangrijk punt», zegt hitte-expert Carolina Pereira Marghidan van het KNMI, die niet bij het onderzoek betrokken was. «Ik denk dat niet iedereen zich realiseert dat het ook jongeren raakt, en niet alleen ouderen.»
In Italië, Spanje en Frankrijk overleden de meeste mensen, maar ook in Duitsland en het Verenigd Koninkrijk vielen veel slachtoffers. Hoewel het om een schatting gaat, liggen de cijfers opvallend dicht bij de officiële sterftecijfers die Europese overheden tijdens de uitzonderlijke omstandigheden publiceerden. Het RIVM meldde voor Nederland ruim 900 extra sterfgevallen tijdens de hittegolf van eind juni en begin juli. De Britse onderzoekers schatten voor de hele zomer ongeveer 1300 extra sterfgevallen in Nederland. «Het was een andere methode en een andere tijdspanne, maar die cijfers komen heel goed overeen», aldus Pereira Marghidan.
De wetenschappers vergeleken de gemeten temperaturen met de temperaturen die te verwachten waren geweest zonder uitstoot van broeikasgassen. Die vergelijking, gecombineerd met medische modellen over hittesterfte, geeft een beeld van de impact van klimaatverandering. Pereira Marghidan noemt het goed dat de klimaatgerelateerde sterfte zo wordt geschat. «Dat verband is goed onderbouwd. Bij andere weerfenomenen is dat lastiger, maar juist bij temperatuurgerelateerde sterfte kun je die link goed maken.»
De werkelijke sterfte is waarschijnlijk hoger dan de 50.000 in het onderzoek. «De dodentallen door hitte worden wereldwijd ondergerapporteerd», zegt onderzoeker Malcom Mistry van de London School of Hygiene & Tropical Medicine. «Hitte wordt ook wel een sluipmoordenaar genoemd.» Mensen merken niet hoe zwaar hun organen onder de hitte lijden en sterfte door hitte blijft vaak onder de radar. Volgens de onderzoekers moet Europa zich tegen die sluipmoordenaar wapenen. «Het wordt steeds duidelijker dat onze steden niet goed zijn aangepast aan de toenemende hitte», aldus onderzoeker Pierre Masselot.
5