Premier Rob Jetten en zijn partner Nicolás Keenan krijgen volgend voorjaar een kind via een draagmoeder. Dat hebben zij bekendgemaakt op Instagram. Twee bevriende vrouwen zijn respectievelijk eiceldonor en draagmoeder. De eicel is via ivf bevrucht en ingebracht bij de draagmoeder, die de zwangerschap doormaakt en het kind ter wereld zal brengen. Wie de biologische vader is, hebben Jetten en Keenan niet bekendgemaakt.

De bekendmaking is in de eerste plaats een privéaangelegenheid, maar omdat het de premier betreft, krijgt het ook een publieke en politieke lading. Draagmoederschap staat hoog op de politieke agenda. Het wetsvoorstel voor de Wet kind, draagmoederschap en afstamming ligt sinds 2023 bij de Tweede Kamer en staat voor december op de agenda. Arnoud Breitbarth, voorzitter van de Stichting Meer dan gewenst, hoopt dat het nieuws de Kamer extra vaart geeft. «Ik hoop dat dit prachtige nieuws voor de premier ervoor zorgt dat de Kamer nog wat extra gas geeft voor de wetgeving», zegt hij. Volgens hem moet draagmoederschap goed worden geregeld, zodat een kind kan herleiden hoe het ter wereld is gekomen en er een zorgvuldig traject is voor alle betrokkenen.

Zolang de wet ontbreekt, gelden er wel regels. Draagmoederschap is niet verboden, maar een draagmoeder mag geen geld vragen voor het dragen van andermans kind. Een onkostenvergoeding is wel toegestaan. Bemiddeling is toegestaan, maar via een commercieel bureau mag niet. Wensouders zoeken vaak iemand in de familie- of vriendenkring. Na de geboorte kan het tot twee jaar duren voordat zij ook wettelijk als ouders worden gezien. De draagmoeder komt altijd op de geboorteakte, en als zij getrouwd of geregistreerd partner is met een man, komt die daar ook op te staan. De rechter moet dat vaderschap ontkennen en de biologische vader moet het kind erkennen. Daarna moet de tweede wensouder het kind adopteren. Pas dan verliest de draagmoeder haar juridisch ouderschap en krijgen de wensouders de rechten van het ouderschap.

In de tussenliggende periode zijn de feitelijke ouders in hoge mate afhankelijk van de draagmoeder. Breitbarth spreekt uit eigen ervaring: «Je krijgt in de praktijk te maken met het feit dat je geen bsn-nummer kunt krijgen, geen zorgverzekering kunt afsluiten, dat je het kind niet kunt inschrijven voor de crèche of dat de draagmoeder eerst toestemming moet geven voor vaccinaties.» Ook in het ziekenhuis hebben wensouders geen ouderlijk gezag en kunnen zij geen noodzakelijke beslissingen nemen. Dat ligt bij de draagmoeder, die daardoor beslissingen moet nemen die zij niet wil nemen. Als de draagmoeder overlijdt voordat het ouderschap is overgedragen, krijgt het kind bovendien een kindsdeel van de erfenis, terwijl dat niet de bedoeling was. Volgens Breitbarth zijn dat serieuze problemen, die gelukkig vrij zelden voorkomen.

Het wetsvoorstel dat er ligt, regelt onder meer dat wensouders vanaf de geboorte het gezag hebben. Rechters denken echter dat sommige grote problemen daarmee niet worden voorkomen. Zij willen dat ook na de geboorte kan worden getoetst of alles goed is gegaan en of de gemaakte afspraken zijn nagekomen. Daarom willen zij de voorgestelde termijn van drie maanden voordat wensouders het ouderlijk gezag krijgen, verlengen. Ook is een meerderheid in de Tweede Kamer nog niet zeker. Daardoor kan het gebeuren dat de wet er nog niet is voordat het kind van de premier wordt geboren.

4Weergaven

Auteur

Misdaad en buitenland

Ruben Visser — misdaad en buitenland, Kernblik.