Premier Rob Jetten (D66) is niet van plan de leden van het koninklijk huis belasting te laten betalen. Die koerswijziging van zijn eigen partij roept frustratie op bij de linkse oppositie, die wijst op het eerdere D66-plan.
Twee jaar geleden diende D66-Kamerlid Joost Sneller een motie in om de koning belasting te laten betalen over zijn inkomen. Die motie kreeg in 2024 een ruime meerderheid. Toenmalig premier Mark Rutte en zijn opvolger Dick Schoof legden de motie vervolgens naast zich neer. Premier Jetten doet dat nu ook, bij een soortgelijke motie van Pro-Kamerlid Laura Bromet. Ook een aangenomen motie van SP-Kamerlid Sandra Beckerman, die het koningshuis transparanter wil laten zijn over de uitgaven, krijgt volgens de premier geen vervolg. Jetten noemt dat plan «feitelijk onuitvoerbaar».
Pro en SP begrijpen het standpunt van de premier niet. «D66 was elk jaar boos dat de moties niet zijn uitgevoerd. Nu heeft de partij de unieke kans om na te denken over de toekomst van het koningshuis», zegt Beckerman. «Je zou denken dat je die kans dan ook aangrijpt?»
In de Tweede Kamer wordt al ruim tien jaar gediscussieerd over de belastingvrijstellingen van de Oranjes. In 2024 kwam voor het eerst in de parlementaire geschiedenis een tweederde meerderheid uit voor het D66-plan. Die meerderheid is nodig omdat het om een grondwetswijziging gaat. Jetten noemt de jaarlijks terugkerende discussie nu een «onvruchtbare dynamiek», omdat elke keer weer «de bekende standpunten langskomen». Hij zet daarom in op een breder onderzoek naar «een toekomstbestendig koningshuis» en heeft met Bromet afgesproken te komen met concrete voorstellen.
Tijdens het begrotingsdebat prijzen meerdere partijen de rol van het koningshuis. JA21-fractievoorzitter Joost Eerdmans noemt het «niet goedkoop, maar tegelijkertijd van onschatbare waarde voor ons land». CDA-Kamerlid Tijs van den Brink vindt dat er «alle reden is om blij te zijn met het koningshuis». Van Den Brink kreeg van Jetten de toezegging dat de voorstellen niet zullen leiden tot een ceremonieel koningschap.
Een groot aantal partijen wil ook een grotere rol voor de koning in de toekomst. Sinds 2017 zit de koning tijdens formaties op de reservebank. VVD, CDA, BBB, ChristenUnie en SGP willen dat terugdraaien, zodat de koning na de verkiezingen weer de eerste verkenner aanstelt. De afgelopen formaties verliepen verre van vlekkeloos en de partijen hopen dat deze stap daar verandering in brengt. VVD-Kamerlid Renate den Hollander zegt dat «continuïteit zich bevindt in de koning als staatshoofd, die boven de partijen staat en zich positioneert tussen de mensen».
Het is nog onduidelijk of er een meerderheid is voor dit plan. Daarover wordt later gestemd.
1