Het kabinet gaat vooralsnog niet mee in de oproep van onderzoekers om burgers acht dagen voedsel in huis te laten houden voor noodsituaties. Het officiële advies blijft een noodvoorraad van drie dagen. Dat zei staatssecretaris Silvio Erkens (Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur) tijdens een commissiedebat in de Tweede Kamer.

Volgens Erkens is een advies van acht dagen in de praktijk moeilijk op te volgen. «Het advies van acht dagen is voor mensen in een klein appartement moeilijk op te volgen», aldus de staatssecretaris. «En we zien dat een groot deel van de Nederlanders nu al niet het advies van drie dagen volgt.»

Erkens wil daarom eerst onderzoeken of de verantwoordelijkheid voor een noodvoorraad na die eerste drie dagen bij supermarkten en distributiecentra kan komen te liggen. «Dat is de voorkeursroute die wij hebben», zei hij in het debat.

Het debat over voedselzekerheid werd voor het eerst apart gevoerd, twee jaar nadat het woord aan de naam van het ministerie was toegevoegd. Aanleiding zijn toenemende risico's voor de voedselvoorziening, onder meer door droogte, de oorlog in Oekraïne en de sluiting van de Straat van Hormuz. Vorige week concludeerden onderzoekers dat Nederland vooral kwetsbaar is bij plantaardige oliën, kunstmest en veevoer.

Erkens wil volgend jaar met een plan komen om Nederland beter voor te bereiden op crises. Mogelijk wordt daarin het advies over de noodvoorraad aangepast. Duidelijk is volgens hem al dat volledige zelfvoorziening nooit het doel wordt. «Zelfvoorziening is een illusie, maar we moeten wel zorgen voor risicospreiding», zei hij.

De partijen in de Tweede Kamer denken sterk verschillend over de vraag hoe Nederland op lange termijn voldoende voedsel houdt. Het debat raakte enigszins ontspoord toen meerdere partijen wetenschappelijk onderzoek aanhaalden om hun standpunt te onderbouwen. Partijen als Pro en de Partij voor de Dieren wezen op wetenschappers die pleiten voor meer plantaardige productie, omdat dat gezonder zou zijn en minder land zou vragen. Andere partijen, zoals de BBB, benadrukten dat ander onderzoek het belang van dierlijke eiwitten in het dieet laat zien.

De Gezondheidsraad stelt dat sommige dierlijke producten inderdaad gezondheidsvoordeel opleveren, maar dat een dieet met te veel rood vlees niet goed is.

Verschillende partijen vrezen dat de stikstofplannen van het kabinet de voedselzekerheid juist in gevaar brengen, omdat daardoor naar verwachting boerenbedrijven verdwijnen. «De grootste bedreiging van de continuïteit en weerbaarheid van onze voedselzekerheid, is het beleid van het ministerie zelf», zei SGP-Kamerlid André Flach.

Staatssecretaris Erkens bestrijdt dat verband. Volgens hem is het aantal boerenbedrijven niet direct bepalend voor de voedselzekerheid. «De inzet is dat wij over vijf tot tien jaar nog steeds een sterke landbouwnatie zijn met een goede exportsituatie, die ook in staat is om de voedselzekerheid te borgen», aldus Erkens.

2Weergaven

Auteur

Samenleving

Lotte Jansen — samenleving, Kernblik.