De Nederlandse wijnbouw zit in de lift, maar de oogst van dit jaar valt waarschijnlijk kleiner uit dan vorig jaar. Dat komt door de droge zomer en de regen en mist in de laatste weken voor de pluk. Bij wijndomein Sint-Catharinadal in Oosterhout zijn ruim vijftig vrijwilligers druk bezig de trossen druiven af te knippen. Het kloosterlandgoed heeft 10 hectare aan wijnranken, ongeveer vijftien voetbalvelden, en is daarmee een van de grotere wijnproducenten van Nederland.

Twintig jaar geleden telde Nederland ongeveer 70 hectare aan wijngaarden. Inmiddels is dat uitgegroeid tot ruim 240 hectare, verspreid over het hele land. Vorig jaar werd een recordaantal van bijna 1,6 miljoen flessen Nederlandse wijn geproduceerd, blijkt uit cijfers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. De groei zet door, maar het succes verschilt sterk per jaar. Zuster Maria Magdalena, leidster van de priorij, noemt het wijnmaken dan ook «niet helemaal zonder risico». «In die paar jaar hebben we alles al meegemaakt. Van een prachtige oogst met 50.000 flessen tot een oogst van maar 700 flessen.»

Wijnmaker Joep Speet, die het hoogste Nederlandse professionele wijndiploma heeft en voorzitter is van de Vereniging Vinologen Nederland, verwacht dat de oogst dit jaar iets kleiner uitvalt dan vorig jaar. «De verwachting is dat de oogst iets kleiner is dan vorig jaar, doordat er weinig sap in de druiven aanwezig zal zijn. Aan de andere kant is de kwaliteit wel goed.» De droge zomers van de afgelopen jaren zijn gunstig voor de druivenoogst. Veel zon helpt bij de groei en rijping, en een droger seizoen betekent minder kans op schimmelziekten.

Toch is een zonnig jaar geen garantie voor goede wijn. «Vroegrijpe, vooral witte druivenrassen kunnen slecht tegen de droogte. Het suikerniveau in de druif en daarmee het potentieel alcoholgehalte stijgt dan te snel», zegt Speet. «Tegelijkertijd zijn de aroma's in de wijn nog niet genoeg vrijgekomen, waardoor het vrij smakeloos is.» De kennis en ervaring van wijnmakers zijn de afgelopen jaren toegenomen, en de wijnstokken zijn ouder en beter gedijd. Dat draagt bij aan de kwaliteit, maar maakt de oogst nog niet voorspelbaar.

In Oosterhout weten ze dat de laatste weken beslissend zijn. «Het valt of staat met die laatste weken. Dan wil je dat ze in het zonnetje hangen, want dan komen pas die suikers in die druiven», zegt Ramona Mimpen, die de vrijwilligers aanstuurt. «De afgelopen weken hebben we regen en mist gezien. Ze hebben naar mijn zin te weinig zon gehad.» De vrijwilligers komen veel trossen tegen, maar moeten er ook heel wat beschimmelde druiven uitknippen. Wijnmaker Suzanne de Roo ziet dat ook. «2025 was echt een topjaar. Dit jaar begon veelbelovend, maar de laatste paar weken zijn wel wat moeilijker geweest. Maar ja, dat hoort erbij als je in Nederland wijn maakt.»

Het klooster in Oosterhout bestaat al bijna 500 jaar. Jarenlang brachten kalligrafie en leerbewerking geld in het laatje, maar toen die inkomsten vijftien jaar geleden hard terugliepen, moest er een nieuw plan komen. «Door de eeuwen heen hebben onze zusters een weg naar de toekomst gevonden», vertelt zuster Maria Magdalena. «In het idee van een wijngaarde zagen we onze spiritualiteit terug. Christus de wijnstok, wijnranken, verbinding leggen.» Sinds 2014 wordt er op het landgoed wijn gemaakt. Van de druiven wordt vooral witte wijn geproduceerd, maar ook rosé en rood.

De groei van de Nederlandse wijnbouw is niet alleen zichtbaar in het zuiden. Ook in het midden en noorden van het land komen er wijngaarden bij. De sector profiteert van de warmere zomers, maar blijft kwetsbaar voor wisselvallig weer in de laatste rijpingsfase. Voor wijnboeren betekent dat elk jaar opnieuw afwachten hoe de oogst uitpakt. Dit jaar lijkt de opbrengst lager, maar de kwaliteit van de druiven die wel goed zijn, stemt positief.

2Weergaven

Auteur

Misdaad en buitenland

Ruben Visser — misdaad en buitenland, Kernblik.