Frankrijk stevent af op de presidentsverkiezingen in een periode waarin onrust op straat en politieke zwakte elkaar versterken. Het land verkeert in een gespannen sfeer waarin het vertrouwen in de politiek onder druk staat en het bestuurlijk apparaat weinig daadkracht toont. Die combinatie bepaalt in toenemende mate het debat in aanloop naar de verkiezingen.
De aanhoudende onrust uit zich in rellen en plunderingen in Franse steden. Daarbij spelen sociale media een rol: via berichten en onderling gedeelde oproepen worden groepen jongeren gemobiliseerd. Ook circuleren online instructies voor het opwerpen van barricades. Onder een deel van de jongeren leeft het idee dat geweld een legitiem middel is. Het beeld van steden die tijdens een weekend in een staat van ontreddering verkeren, heeft het politieke klimaat verder onder druk gezet.
De politieke zwakte komt bovenop die maatschappelijke onrust. Het bestuur lijkt onvoldoende in staat om grip te krijgen op de gebeurtenissen, terwijl de bevolking juist nu duidelijkheid en daadkracht verwacht. Dat versterkt het gevoel dat de politiek de problemen niet onder controle heeft. De presidentsverkiezingen worden daardoor niet alleen een strijd over programma's, maar ook een referendum over de vraag of het huidige bestel nog in staat is het land bijeen te houden.
De onrust in Frankrijk staat niet op zichzelf. In verschillende Europese landen gaan burgers de straat op om te protesteren tegen de stijgende kosten van levensonderhoud, hoge huren en verslechterende publieke voorzieningen. In Italië liepen demonstraties uit op confrontaties met de politie en plunderingen, waarop de regering strengere veiligheidsmaatregelen aankondigde. Ook in België werd gedemonstreerd. Die bredere Europese context maakt duidelijk dat de Franse situatie deel uitmaakt van een groter patroon van maatschappelijke onvrede.
Voor de aanstaande presidentsverkiezingen betekent dit dat kandidaten zich zullen moeten verhouden tot de onrust en het gevoel van politieke verlamming. De vraag is of zij het vertrouwen weten te herstellen of dat de spanning verder oploopt. Duidelijk is dat de verkiezingen plaatsvinden in een land dat verdeeld is en waarin de afstand tussen burgers en bestuur groot is geworden.
3