In Nederland is een vierde persoon overleden bij wie het westnijlvirus is vastgesteld. Dat meldt het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). De patiënt raakte besmet via een bloedtransfusie. Het is volgens het RIVM niet duidelijk of het slachtoffer daadwerkelijk aan de gevolgen van het virus is overleden. Mogelijk was de kwetsbare gezondheid van de persoon de oorzaak van het overlijden.

De donor van het besmette bloed was zelf ook drager van het virus, maar dat was op het moment van donatie nog niet bekend. Toen de donor positief testte, heeft bloedbank Sanquin het bloed geblokkeerd. Daardoor heeft niemand anders dan het overleden slachtoffer dit bloed ontvangen. Besmetting van mens tot mens is niet mogelijk; het virus wordt vooral overgedragen via muggen die zich hebben gevoed met bloed van besmette vogels.

Het RIVM meldt daarnaast dat bij tien andere patiënten het westnijlvirus is vastgesteld. Het totale aantal vastgestelde besmettingen in Nederland komt daarmee op 28. Een week geleden stond de teller nog op 18. Alle nieuwe patiënten, op de persoon na die besmet raakte via een bloedtransfusie, zijn besmet geraakt door een muggenbeet. De besmettingen zijn vastgesteld in Utrecht, Noord-Brabant, Noord-Holland, Zuid-Holland, Overijssel en Gelderland. De patiënten meldden zich met klachten in het ziekenhuis, waarna het virus werd aangetoond.

Het RIVM benadrukt dat het werkelijke aantal besmettingen waarschijnlijk veel hoger ligt dan de gerapporteerde 28. Voor ongeveer 80 procent van de mensen verloopt een besmetting met het westnijlvirus zonder noemenswaardige klachten. Iets minder dan een op de vijf mensen krijgt griepachtige verschijnselen zoals koorts, hoofdpijn en spierpijn. Vooral ouderen en mensen met een kwetsbare gezondheid lopen risico op ernstiger ziekteverloop.

Naast de menselijke besmettingen zijn er ook onder dieren nieuwe gevallen gemeld. Sinds de vorige update zijn dertig nieuwe positief geteste paarden geregistreerd. Daarmee komt het totaalaantal meldingen van paarden met het westnijlvirus in 2026 op 88. Verder zijn er dit jaar in totaal honderd vogels met het virus gemeld. Het RIVM noemt vooral de hoge sterfte onder kraaiachtigen opvallend. Hoeveel kraaiachtigen precies zijn overleden, is niet duidelijk.

Het westnijlvirus komt van nature voor bij vogels en wordt verspreid door muggen. Mensen en paarden kunnen besmet raken via de beet van een besmette mug, maar zijn geen bron van verdere verspreiding naar andere mensen. Besmetting van mens tot mens is niet mogelijk. De besmetting via bloedtransfusie is een zeldzame uitzondering die optreedt wanneer een donor het virus bij zich draagt zonder dat dit bekend is. Sanquin screent bloeddonaties en blokkeert besmet bloed zodra een donor positief test.

Het RIVM blijft de situatie monitoren en roept mensen op om maatregelen te nemen tegen muggenbeten, vooral in gebieden waar het virus circuleert. Ouderen en mensen met een kwetsbare gezondheid wordt geadviseerd extra waakzaam te zijn. De cijfers over besmettingen bij mensen, paarden en vogels worden regelmatig bijgewerkt.

Auteur

Economie

Thomas Bakker — economie, Kernblik.