Het Twentekanaal werd deze zomer voor het eerst volledig afgesloten voor de scheepvaart, maar zeer waarschijnlijk niet voor het laatst. Uit berekeningen die Rijkswaterstaat twee jaar geleden liet uitvoeren, blijkt dat de extreem lage waterstand die tot de afsluiting leidde rond 2050 eens in de twee jaar kan voorkomen. Waterschappen, provincies en Rijkswaterstaat noemen de situatie intern al jaren «niet robuust» en ongewenst.
De afsluiting kostte bedrijven deze zomer tientallen miljoenen euro's. Zij konden hun grondstoffen en producten niet meer via het kanaal aan- en afvoeren. Vervoer over de weg is veel duurder of soms zelfs onmogelijk. Anne-Ruth Scheijgrond van het Twentse havenbedrijf waarschuwt dat herhaling een enorme klap zou zijn voor de economie in Oost-Nederland. «Het betekent dat voor een groot aantal bedrijven het niet meer interessant is om hier aan het water gevestigd te zijn», zegt zij.
Het grote probleem zit in de sluizen en gemalen bij het Gelderse Eefde, vlak bij Zutphen. Daar wordt water van de IJssel naar het Twentekanaal gepompt. Dat gemaal werd tien jaar geleden nog voor miljoenen verbouwd, maar bij die verbouwing werd geen rekening gehouden met de lage rivierstanden die deze zomer optraden. Uit een onderzoek dat vier jaar geleden al in opdracht van Rijkswaterstaat werd uitgevoerd, blijkt dat het pas gerenoveerde gemaal eigenlijk zou moeten worden afgebroken om plaats te maken voor een geheel nieuw, moderner gemaal. Het huidige gemaal opnieuw renoveren was volgens de onderzoekers nauwelijks een optie: dat zou inefficiënt zijn en de problemen niet definitief oplossen.
Rijkswaterstaat weet al sinds het zeer droge jaar 2018 dat deze problemen spelen, maar er gebeurde tot nu toe weinig om ze daadwerkelijk op te lossen. Er volgde onderzoek op onderzoek, maar een concreet plan voor een nieuw gemaal ligt er nog niet. Ook dit jaar kondigde minister Karremans van Infrastructuur en Waterstaat weer een nieuw onderzoek aan, dat twee jaar gaat duren. Pas daarna kan er aan een nieuw gemaal worden gebouwd. Een woordvoerder van het ministerie verwacht dat dit het laatste onderzoek zal zijn. «Dit is de laatste stap voordat de schop daadwerkelijk de grond in gaat», zegt hij. Of dat echt gebeurt, is nog afhankelijk van de uitkomsten. Als alles meezit, zou een nieuw gemaal er in 2033 kunnen staan.
Voor de bedrijven in Twente is dat veel te laat, zegt Scheijgrond. «Wat mij betreft hadden we gisteren al moeten beginnen. We weten al sinds 2018 dat dit gemaal niet geschikt is voor deze lage waterstanden, dus dat moet aangepast. We zijn nu veel te lang bezig met onderzoeken en afwachten.» In de tussentijd kost het gebrekkige gemaal elk jaar veel geld. Niet alleen doordat er minder scheepvaart mogelijk is voor bedrijven, maar ook doordat er jaarlijks noodpompen moeten worden aangelegd. Dat kost miljoenen, maar is nodig om het oosten van Nederland toch van water te voorzien.
Rijkswaterstaat liet zowel in 2022 als in 2024 uitrekenen hoe vaak de IJssel in de toekomst te maken zal krijgen met zeer lage rivierstanden. Er waren gunstige scenario's, maar die lijken inmiddels al niet meer realistisch. Met een zomer als die van dit jaar werd in die scenario's geen rekening gehouden. De ongunstige scenario's voor 2050 lijken nu al uit te komen. Daarin zou het water iedere twee jaar lager komen te staan dan het niveau waarop afgelopen zomer het Twentekanaal werd afgesloten.
Dat de waterstanden in de IJssel steeds verder zakken, is deels het gevolg van klimaatverandering, maar niet alleen. De bodem van de rivier de Waal speelt ook een rol. Die bodem slijt steeds verder uit, waardoor het water in die rivier lager komt te staan. De IJssel is verbonden met de Waal en het waterniveau van die rivier wordt daardoor mee naar beneden getrokken. Daar komt het opwarmende klimaat bij. Daardoor smelten gletsjers af en valt er in de Alpen in de winter minder sneeuw. In het verleden stroomde veel gesmolten sneeuw in de zomer door de Rijn en de IJssel, die hoeveelheid is minder groot geworden. Ook verdampt er onderweg meer rivierwater door de hogere temperaturen.