Een brede meerderheid in de Tweede Kamer wil dat minister Sophie Hermans van Volksgezondheid opnieuw onderzoekt of de overheid kan ingrijpen bij spermadonoren die zo veel mogelijk kinderen proberen te verwekken. Een motie van CDA, VVD en D66 die vraagt naar een wettelijke grens aan massadonatie in de privésfeer, werd vrijdag met brede steun aangenomen. Alleen de SGP stemde tegen.
Aanleiding is het geval van een Nederlandse massadonor, Simon, die volgens eigen zeggen bijna tweehonderd kinderen heeft verwekt door zich in de privésfeer en via klinieken aan te bieden als donor. Nieuwsuur berichtte daar afgelopen zomer over. Het kwam aan het licht doordat verschillende betrokken moeders elkaar vonden en zo ontdekten dat hij had gelogen over het aantal kinderen dat hij had verwekt. Simon zei tegenover de vrouwen absoluut tegen massadonatie te zijn. Het ministerie van Volksgezondheid wist volgens de berichtgeving al jaren van zijn status als massadonor, maar deed daar niets mee.
Hermans schreef vorige maand in een Kamerbrief dat zij het betreurt dat ouders bijna tien jaar in onwetendheid en onzekerheid hebben verkeerd. Sinds 1 april vorig jaar zijn in het landelijk register de gegevens van wensmoeders en spermadonoren van alle klinieken aan elkaar gekoppeld. Donoren mogen via een kliniek voor maximaal twaalf gezinnen worden ingezet. Wat zaaddonoren buiten de kliniek doen, bijvoorbeeld door zich via internetfora aan te bieden als privédonor, is echter onbekend.
Het is niet de eerste keer dat de Kamer de minister oproept massadonatie tegen te gaan. In 2023 kreeg een soortgelijke motie van toenmalig Kamerlid Corinne Ellemeet (GroenLinks) al brede steun. Toenmalig minister Pia Dijkstra (D66) vond een maximum toen een vorm van geboortebeperking die diep ingrijpt op de persoonlijke levenssfeer. Daarnaast stelde zij de vraag hoe zo'n verbod te controleren is en of de overheid het kan handhaven. Ook minister Hermans zag tot voor kort weinig in een wettelijk maximum voor privédonaties. Volgens haar zijn wensouders vooral zelf verantwoordelijk voor goede afspraken met de donor. In een brief eind september schreef zij dat donaties in de privésfeer buiten de reikwijdte van de wet en buiten het zicht van de overheid en klinieken vallen.
Toch wil Hermans opnieuw zoeken naar wat wel mogelijk is, zo zei zij twee weken geleden tijdens een debat over massadonoren. Zij temperde de verwachtingen daarbij. «Ik wil ook het eerlijke verhaal vertellen, namelijk dat het lastig is om in te grijpen in die privésfeer.»
Kamerlid Lisa Vliegenthart (Pro) vindt een onderzoek niet genoeg. «Iedere keer als er een nieuwe massadonor aan het licht komt, zegt de Kamer: dit nooit meer. In plaats van nu weer een nieuw onderzoek, is het echt tijd voor actie», aldus Vliegenthart. Zij wil dat de minister direct met een wetsvoorstel komt, dat rekening houdt met de zogeheten reproductieve vrijheid en de privacy van wensouders.
CDA'er André Poortman erkent dat ook hij liever verder zou gaan. «Onderzoek is een eerste stap. Ik wil niet het onmogelijke vragen van de minister door meteen een wet te verwachten. Maar het is duidelijk dat het niet bij onderzoek kan blijven.» Welke mogelijkheden hij ziet, wil hij nog niet concreet maken. Hij noemt wel registratie van spermadonatie in de privésfeer als mogelijkheid. «Daarmee geef je wensouders in een kwetsbare positie meer handvatten. Hun belangen en vooral die van donorkinderen moeten zwaarder wegen dan de privacy van donoren.»
Een Kamermeerderheid steunt ook een motie die oproept tot een landelijke ondersteuningsroute voor donorkinderen en ouders. Die moet onder meer een vast aanspreekpunt bevatten voor betrokkenen en passende psychosociale begeleiding.
2