De Nederlandse chipindustrie heeft haar omzet in zes jaar tijd meer dan verdubbeld. Vorig jaar kwam de totale omzet van de sector uit op 46 miljard euro, tegen 21,3 miljard euro in 2019. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Het is voor het eerst dat de omzet en werkgelegenheid van de halfgeleidersector in kaart zijn gebracht.

De groei is deels te danken aan bestaande bedrijven die zijn gegroeid en zich meer zijn gaan richten op chips. Het gaat daarbij om het deel van hun omzet dat samenhangt met de chipindustrie, want chips worden bijna nooit door één type bedrijf gemaakt. In de keten zijn er bedrijven die chips ontwerpen én produceren, maar ook bedrijven die alleen het ontwerp verzorgen en de productie uitbesteden aan een ander bedrijf.

Daarnaast zijn er nieuwe bedrijven toegetreden tot de sector. Die waren samen goed voor bijna 2.000 extra banen. De totale werkgelegenheid in de chipindustrie steeg in zes jaar tijd van 23.000 naar 43.000 werknemers. Die ontwikkeling liep grotendeels gelijk aan de omzetgroei.

Nederland speelt een belangrijke rol in de wereldwijde chipindustrie. ASML is wereldwijd de belangrijkste leverancier van chipmachines en heeft daarmee een aanzienlijk aandeel in de groei van de sector. Ook ASM, een andere Nederlandse chipmachinemaker, presteert sterk: het bedrijf behaalde het afgelopen kwartaal een recordomzet van meer dan 1 miljard euro.

Chips zijn terug te vinden in bijna elk elektronisch apparaat, van telefoons en koelkasten tot elektrische auto's. De vraag naar halfgeleiders blijft daardoor groot, en de industrie ontwikkelt zich voortdurend. Vorig jaar besloot het kabinet daarom om 230 miljoen euro te investeren in de chipindustrie. Het kabinet vindt het belangrijk dat Nederland in deze snel veranderende sector niet achterblijft.

Auteur

Politiek verslaggever

Sanne de Vries — politiek verslaggever, Kernblik.