De Tweede Kamer debatteert deze week tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen over een nieuw plan voor de belasting op vermogen in box 3. Het kabinet wil het stelsel hervormen om een einde te maken aan een dossier dat de politiek al jaren bezighoudt. Kern van het voorstel is dat er per 2028 een vermogenswinstbelasting komt voor aandelen, obligaties en tweede woningen. De rest van de vermogens volgt in 2030.
Box 3 raakt naar schatting 2,5 miljoen mensen. Zij betalen belasting over het rendement op spaargeld, aandelen, cryptomunten en een eventuele tweede woning. Ter vergelijking: box 1, de belasting op loon en uitkering, levert ongeveer 90 procent van alle inkomstenbelasting op. Box 2 is bedoeld voor mensen met een bedrijf, zoals een besloten vennootschap, naar schatting 500.000 mensen. Wie weinig spaargeld heeft, geen beleggingen en geen tweede huis, heeft met box 3 vermoedelijk niets te maken.
De politiek kon niet anders dan ingrijpen na een uitspraak van de Hoge Raad in 2021. De rechter oordeelde dat het geschatte rendement waarmee de Belastingdienst rekende, niet eerlijk was. Vooral spaarders waren de dupe: zij betaalden vaak meer belasting dan zij aan rente van de bank ontvingen. Om aan de uitspraak te voldoen zette het kabinet-Rutte III snel een tijdelijke manier van belasting berekenen op, die tot op de dag van vandaag geldt. Dat systeem kent een groot nadeel: mensen met hoge rendementen betalen nu relatief weinig belasting. De schatkist loopt daardoor jaarlijks 3 miljard euro mis. Ieder jaar dat een nieuw plan uitblijft, lekt dat bedrag weg.
De afgelopen jaren is in de kabinetten-Rutte IV, Schoof en Jetten gewerkt aan een alternatief. Daarbij speelt het verschil tussen vermogensaanwasbelasting en vermogenswinstbelasting een rol. Bij een vermogensaanwasbelasting betaal je elk jaar over de winst die je maakt, ook als die winst nog vastzit in aandelen. Het kan dan nodig zijn om een deel van je aandelen of crypto te verkopen om de belasting te kunnen betalen. Bij een vermogenswinstbelasting betaal je pas over de aandelen of cryptomunten die je hebt verkocht. Het nadeel daarvan is dat eigenaren de verkoop kunnen uitstellen om belasting te ontwijken.
Coalitiepartijen D66, VVD en CDA zijn het erover eens dat er op de lange termijn een vermogenswinstbelasting moet komen. Daar zit wel een technisch probleem aan vast: volgens het ministerie van Financiën is dat pas vanaf 2030 of zelfs 2032 mogelijk, omdat de Belastingdienst en banken hun systemen moeten aanpassen. De Tweede Kamer stemde begin dit jaar in met een nieuwe, tijdelijke oplossing om vanaf 2028 een vermogensaanwasbelasting op aandelen en cryptomunten in te voeren en een vermogenswinstbelasting op vastgoed. Daarna zou worden toegewerkt naar een volledige vermogenswinstbelasting. Deze tussenoplossing leidde tot zoveel onrust bij bedrijven en beleggers dat minister Heinen (Financiën, VVD) twee weken later zei dat de wet terug naar de tekentafel moest. Vervolgens ontstond een groot meningsverschil tussen de coalitiepartijen.
De VVD wil zo snel mogelijk over op een volledige vermogenswinstbelasting, ook al kan de Belastingdienst aangiftes dan tijdelijk minder goed controleren doordat de systemen nog niet zijn aangepast. Het grootste probleem is dat de schatkist dan naar schatting ruim 15 miljard euro minder binnenkrijgt, omdat mensen pas belasting betalen als zij hun aandelen verkopen. De partijen waren het vooral oneens over de vraag wie dat moet betalen. D66 en CDA wilden niet dat lagere inkomens daaraan meebetalen.
Het kabinet wil nu voor aandelen, obligaties en tweede huizen per 2028 overstappen op een vermogenswinstbelasting, met de rest in 2030. De dekking wordt gezocht in box 2 en box 3. Het voorstel rond het heffingsvrij inkomen in box 3 ligt politiek het gevoeligst. In de nieuwe box 3 komt er geen heffingsvrij vermogen meer, dat nu op 59.357 euro voor één persoon ligt, maar een heffingsvrij inkomen. Het idee is dat mensen met hoge rendementen ook meer belasting betalen. In het oorspronkelijke plan ging je bij een jaarlijks rendement van boven de 1800 euro belasting betalen. In het nieuwe plan is dat bedrag verlaagd naar 1000 euro. Daardoor zouden honderdduizenden kleine beleggers straks ook belasting moeten gaan betalen over hun winst uit aandelen.
JA21 en SGP hebben al gezegd dat dit deel van de dekking onacceptabel is. Zij stellen dat het kabinet hun heeft toegezegd met een andere oplossing te komen. Mogelijk gaat er dus weer een streep door dit deel van het plan. De situatie rond box 3 is nu vrij chaotisch. Omdat de Tweede Kamer al heeft ingestemd met de wet voor vermogensaanwas in box 3, ligt die nu bij de Eerste Kamer. Als het kabinet een meerderheid heeft voor het nieuwe plan, moet dat via een wetswijziging, een novelle, opnieuw langs de Tweede Kamer. Pas daarna kan de Eerste Kamer erover stemmen.
2