De Federal Reserve heeft de Amerikaanse beleidsrente verhoogd van 3,5 tot 3,75 procent naar 3,75 tot 4 procent. Het is de eerste renteverhoging in ruim drie jaar en een besluit dat ingaat tegen de expliciete wens van president Donald Trump. De centrale bank grijpt in om de inflatie te beteugelen, die in de Verenigde Staten hardnekkig rond de 4 procent blijft hangen.

De verhoging met een kwart procentpunt kwam voor de financiële markten niet als een verrassing. Door de aanhoudend hoge inflatie en de oplopende energieprijzen rekenden analisten al op een verkrapping van het monetaire beleid. De laatste keer dat de Federal Reserve de rente verhoogde was in juli 2023. Daarna bleef de rente vijf opeenvolgende aankondigingen onveranderd, na een reeks verlagingen van 5,25 tot 5,5 procent naar het huidige niveau.

Het besluit is een zware tegenslag voor Trump, die sinds zijn terugkeer in het Witte Huis herhaaldelijk heeft aangedrongen op lagere leenkosten. Hij vindt dat de Amerikaanse rente de laagste ter wereld moet zijn en uitte dit jaar regelmatig publiekelijk kritiek op de centrale bank. Zo noemde hij voormalig Fed-voorzitter Jerome Powell een « loser », dreigde hij hem te ontslaan en beschuldigde hij hem zelfs van fraude.

In mei werd Kevin Warsh de nieuwe voorzitter van de Federal Reserve, nadat de termijn van Powell was afgelopen. Trump koos Warsh nadat die zich geregeld had uitgesproken voor lagere rentes. « Als Kevin op zijn plek zit, dan gaat de rente omlaag », zei Trump daar eerder over. Maar onder Warsh is van een verlaging niets terechtgekomen. De inflatie blijft door de hoge olieprijzen rond de 4 procent schommelen, waardoor de centrale bank zich genoodzaakt ziet de rente juist te verhogen.

Warsh wil, anders dan zijn voorgangers, weinig toelichting geven op de rentebesluiten van de Fed en de verwachtingen voor het rentebeleid. Dat roept twijfels op over de vraag of de centrale bank nog onafhankelijk opereert of de oren laat hangen naar de president. De oplopende inflatie en de onzekerheid over de Amerikaanse economie en staatsschuld zorgen wereldwijd voor stijgende rentes. Ook Nederland betaalt op een tienjarige staatsobligatie inmiddels meer dan 3 procent rente.

De Amerikaanse renteverhoging komt op een moment dat de wereldeconomie al onder druk staat. De handelsoorlog die Trump in april ontketende, zorgde eerder voor economische onzekerheid en weerhield de Fed ervan de rente verder te verlagen. Daar kwamen de oplopende energiekosten door de oorlog in het Midden-Oosten bij. Die combinatie van factoren houdt de inflatie hoog en beperkt de ruimte voor monetair beleid.

De Federal Reserve staat voor de taak om de inflatie te beteugelen zonder de economische groei te veel af te remmen. De renteverhoging is bedoeld om de vraag af te koelen en de prijsstijgingen te temperen, maar kan tegelijkertijd de leenkosten voor bedrijven en consumenten opdrijven. Of de centrale bank vasthoudt aan deze koers, hangt af van de verdere ontwikkeling van de inflatie en de geopolitieke situatie.

Auteur

Politiek verslaggever

Sanne de Vries — politiek verslaggever, Kernblik.