Het Twentekanaal is deze zomer volledig afgesloten geweest vanwege extreem lage waterstanden. Voor bedrijven in de regio betekende dat een flinke logistieke en financiële tegenvaller. Zoutproducent Nobian in Hengelo moest noodgedwongen overstappen op vervoer per vrachtwagen, omdat binnenvaartschepen niet door het kanaal konden. Ook nu is dat scheepvaartverkeer nog sterk verminderd.

Volgens Albertjan ten Voorde van Nobian is de impact groot. «Je moet je voorstellen: de lading van één binnenvaartschip, dat zijn vijftig vrachtwagens», zegt hij. «Dit kost heel veel geld, het is niet efficiënt en het is voor het milieu ook niet duurzaam om langdurig te doen.» Het bedrijf levert veel aan het Duitse Ruhrgebied en ziet dat de hele chemische keten problemen ondervindt van de lage waterstanden. «Dit kun je niet iedere zomer hebben.»

Anne-Ruth Scheijgrond van Port of Twente wijst op de kosten van tientallen miljoenen voor bedrijven en hun klanten. «Uiteindelijk gaan klanten hun vertrouwen verliezen en dat is heel, heel triest», aldus Scheijgrond. Emeritus-hoogleraar transportbeleid Bert van Wee van de TU Delft verwacht niet direct dat bedrijven massaal uit Twente vertrekken. «Je verplaatst je bedrijf niet zomaar. Een kantoor verplaatsen is één ding, maar hele fabrieken kun je niet zomaar sluiten en elders weer openen.» Wel kunnen bedrijven volgens hem langetermijninvesteringen uitstellen of heroverwegen.

De problemen bij het Twentekanaal staan niet op zichzelf. Rijkswaterstaat hoopt dat er in 2033 een nieuw gemaal bij Eefde staat dat beter bestand is tegen extreem droge periodes. Maar de financiering is onzeker. Het Deltafonds, waaruit een nieuw gemaal deels betaald moet worden, kampt met een tekort van 12 miljard euro. Eerder werd bekend dat er een tekort van 80 miljard euro is voor infrastructurele projecten in heel Nederland. Of Eefde prioriteit krijgt, moet nog blijken.

Uit onderzoek van de NOS blijkt dat verschillende overheden en organisaties de situatie bij Eefde al jaren «niet robuust» en ongewenst noemen. Rijkswaterstaat liet twee jaar terug berekenen hoe vaak extreem lage waterstanden kunnen voorkomen. De inschatting was dat dit rond 2050 in het ergste geval eens in de twee jaar kan gebeuren. Hydroloog Niko Wanders van de Universiteit Utrecht ziet dat de realiteit de kennis over het klimaat inhaalt. «We breken record na record na record en dat gaat best wel snel», zegt hij. «Het past in een trend. Ons waterbeheer kan zich niet snel genoeg aanpassen om klimaatverandering of de gevolgen daarvan bij te benen.»

Rijkswaterstaat en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat erkennen dat langdurige perioden met zeer lage rivierafvoeren en lage waterstanden een steeds belangrijkere factor worden. De renovatie van het kanaal is volgens hen niet mislukt, maar de gevolgen van klimaatverandering gaan sneller dan voorspeld. Vragen over de snelheid noemen zij «met de kennis van nu» begrijpelijk, maar ruimte voor versnelling is er niet.

Scheijgrond van het havenbedrijf dringt aan op actie. «Eigenlijk gisteren al», zegt zij. «Eigenlijk zouden we het liefst zelf de schep ter hand nemen en aan de slag gaan.» Voorlopig blijft het bij plannen en discussie over prioriteiten, terwijl bedrijven in Twente zich afvragen hoe houdbaar hun afhankelijkheid van het kanaal is.

Auteur

Samenleving

Lotte Jansen — samenleving, Kernblik.